Madeleines

madeleines

Wat begon als een poging een beetje vakantie naar Nederland te halen eindigde in een grote teleurstelling, een beetje zoiets als de Nederlandse zomer. Je verlangt er naar maar het komt niet van de grond. Zo ook mijn plan om ‘even snel’ van die schattige Franse madeleines te maken voor bij mijn ‘café au lait’. Hoe moeilijk kan het zijn deze zelf te bakken?!

Drie recepten heb ik geprobeerd! En iedere keer klopte er iets niet! Of geen zout en teveel bakpoeder, of te droog, of veel te vet. Zo vet dat ze zelfs vetter waren dan de madeleines uit de familiezak die bij ons, op terugreis naar Nederland, altijd op het dashboard ligt, en waaruit wij zo vrolijk zingend eten. En naar dat gevoel was ik op zoek deze regenachtige dagen.
Maar goed, hier thuis ben ik de enige die ervan baalt dat ik iedere week madeleines sta te bakken, op zoek naar de juiste verhoudingen, de rest eet vrolijk door. Ik niet, ik ben een perfectionist. De vierde poging was gelukkig succesvol.
Bij deze poging heb ik het zoeken naar goede recepten maar gelaten en heb zelf hier en daar wat aangepast en het resultaat is eindelijk ‘très délicieux’.

Alors,

Ingrediënten:

Voor ongeveer 20 grote of 40 kleine madeleines.

140 gram boter
120 gram bloem
1 tl. bakpoeder (optioneel want zonder gaat ook prima)
3 eieren
snuf zout
130 gram fijne rietsuiker
citroenrasp van een hele biologische citroen

Bereidingswijze:

Smelt de boter in een pan* en laat afkoelen.

Verwarm de oven voor op 200 graden.

Vet de vormpjes in en bestuif ze licht met bloem.

Doe de eieren met het zout in een beslagkom of in de kom van de keukenmachine, en klop dit ongeveer 3 minuten op vol vermogen totdat de eieren schuimig zijn en in volume zijn verdubbeld.

Laat de machine op vol vermogen draaien en giet er langzaam de suiker bij. Mix door tot het mengsel een mooie roomkleur heeft en lobbig is (ongeveer 2 minuten).

Roer er voorzichtig de citroenrasp door en zeef dan de bloem, met eventueel het bakpoeder, in één keer bovenop het beslag. Schep de bloem voorzichtig met een spatel door het ei-mengsel totdat er geen restjes bloem meer te zien zijn. Giet dan, beetje bij beetje, de gesmolten en afgekoelde boter bij het mengsel terwijl je dit weer voorzichtig omschept totdat de boter net opgenomen is door het beslag.

Vul de madeleine-vormpjes voor tweederde met het beslag en zet ze in het midden van de oven. Bak ze niet te lang want dan worden ze droog. Ze moeten eigenlijk net gaar zijn maar wel goudbruine randjes hebben.
Kleine madeleines zijn na ongeveer 7 minuten klaar en het gewone formaat madeleines na ongeveer 12 minuten, maar blijf zelf opletten want dit is ook afhankelijk van je oven.

Haal ze uit de oven en verwijder ze meteen uit de bakvormpjes. Leg ze op een rek om af te laten koelen.

*Je kunt ook gekarameliseerde boter gebruiken voor madeleines. Dat gaat als volgt:
Smelt de boter in een steelpannetje. Als de boter smelt scheidt de wei zich af, dat zijn de witte vlokjes die je ziet. Wanneer je zachtjes doorgaat met verwarmen wordt de wei vanzelf goudbruin, dit duurt ongeveer 20 minuten. Haal van het vuur zodra de vlokjes goudbruin zijn want als ze te donker worden is de mooie noot-achtige smaak weg.
Bekleed voordat je de gekarameliseerde boter bij het beslag doet een zeef met keukenpapier en giet hier de boter doorheen. De bruine spikkels komen dan niet in je beslag.